Loogkruid, monniksbaard Salsola soda is een geslacht van bloeiende planten uit de amarantenfamilie (Amaranthaceae).
De biotoop van de plant bestaat vaak uit vlakke, droge of ietwat zouthoudende grond. Monniksbaard groeit in zoutmoerassen en is een zogenaamde halofyt.
Agretti heet in het Italiaans ook "Barba di frate" en vandaar dus Monniksbaard in ’t Nederlands. Soms wordt het ook "Italiaanse zeekraal" genoemd, alhoewel het geen zeewier is. Het is namelijk een eenjarige plant uit de zoute moerassen langs de Midellandse Zee en de Atlantische kust van Portugal. Daardoor is hij dus heel zeldzaam geworden, want bijna al die strandzones zijn verdwenen. Hij komt echter ook in de rest van de wereld voor, zij het nergens in overvloed.
Hij wordt wel eens verward met "Okahijiki" of Landzeewier (Salsola komarovi), een Japanse verwant die er heel sterk op lijkt. Het is dan ook een plant met een zeer verscheiden uitzicht. Jong lijkt het bijna een grassoort, volwassen heeft het meer weg van een vetplant.
Het beste ogenblik om monniksbaard te zaaien, is einde herfst binnenshuis. Het is een trage en slechte kiemer, als je een opkomst van ongeveer 30% haalt kunt u reeds zeer tevreden zijn. Om meer plantjes te verkrijgen het zaaibakje een koude periode geven. Plaats het hiervoor in de ijskast.
Plant de jonge planten buiten terplaatse, vroeg in de lente, als de kans op nachtvorst geweken is.
Gebruik bij het water geven een zoutoplossing in de verhouding van 40 gram zout per liter water. Dat is geen must, maar het komt de smaak ten goede.
Verder moet je het plantbed voortdurend onkruidvrij houden. Ook gras dat er eventueel zou tussen groeien, moet je verwijderen, zodat je straks bij het oogsten geen gras moet eten in plaats van loogkruid.
Oogsten kan zodra de stengels zo'n 12 à 16 cm bereikt hebben. Snij ze dicht tegen de grond af, en ze zullen terug uitschieten, zodat je drie tot vijf maal per zomer kunt oogsten.
Monniksbaard is een uitstekende groente om te telen in combinate met tomaten en/of paprika als uw grond te brak (te zout) is. Loogkruid onttrekt namelijk het zout aan de grond om een betere gewasopbrengst te verzekeren.
Agretti, of "Barba Di Frate" zoals Italianen deze groente gewoonlijk noemen, wordt meestal gekookt als bladgroente. Het beste is om hem te koken in kokend water tot de bladeren zacht zijn of beetgaar voor hen die dat liever hebben.
Monniksbaard kan ook rauw gegeten worden. Het zou een zoutige smaak hebben met een aangename krokante textuur.
Verder kunt u de groente ook kort blancheren of bakken. Maar denk eraan, het is een zoute groente. U kunt het een beetje vergelijken met zoutige spinazie.
Tot in de achttiende eeuw was deze plant heel belangrijk voor de productie van natriumcarbonaat (soda). Dat wordt gebruikt bij de fabricage van glas en het maken van zeep. Hiervoor werden de planten verzameld, gedroogd en verbrand. Het grootste deel van de as bestaat uit natriumcarbonaat.
De agretti is bijna net zo zout als zeekraal. En ook net als bij zeekraal blijkt ie zowel rauw oké, als kort gekookt. Kort bakken in roomboter en dan wat witte wijn erbij (en eventueel wat room) kan ook, maar wij aten het kort gekookt, met jonge slablaadjes en daar op een gepocheerd ei. Het ei met de zoute agretti vormt namelijk een goede combi. Groene asperges erbij is trouwens ook een idee. Of in de veggie paella.
Monniksbaard | |
---|---|
![]() Volwassen plant |
|
Taxonomische indeling | |
Rijk | Plantae (Planten) |
Stam | Embryophyta (Landplanten) |
Klasse | Spermatopsida (Zaadplanten) |
Clade | Angiospermae (Bedektzadigen) |
Clade | 'nieuwe' tweezaadlobbigen |
Clade | Geavanceerde tweezaadlobbigen |
Orde | Caryophyllales |
Familie | Amaranthaceae (Amarantenfamilie) |
Geslacht | Salsola |
|
Ingrediënten
Bereiding