Japanse andoorn of crosne Stachys affinis, uit de lipbloemenfamilie (Lamiaceae) is een kruidachtige doorlevende plant, die 30 tot 50 cm hoog kan worden. De tot de verbeelding sprekende knolletjes worden gevormd als de dagen beginnen te verkorten; minder dan 10 uur zonlicht. Deze 3 tot 5 cm lange geribbelde knolletjes gelijken (met een beetje verbeelding) op garnalen of op witte wormpjes. Het zijn de knollen van de Japanse Andoorn ook wel Japanse aardappel of chinese artisjok genoemd.
Deze plant die zijn oorsprong kent in Centraal- en Noord-China, wordt in Japan en India op grote schaal geteeld.
Via Japan kwam deze plant zo'n 100 jaar geleden in Frankrijk terecht meer in bepaald in het Franse plaatsje Crosne, waar hij heden ten dage nog op redelijke schaal wordt geteeld. Vandaar zijn huidige naam "Crosne du Japon".
Crosne kunt u bij ons zeer moeilijk in de handel vinden. Meestal moet u daarvoor naar Turkse of Marrokaanse winkels, op biologische markten en op de oosterse markt in Beverwijk. Als plantgoed kunt u ze in sommige zaadhandels vinden.
Crosne komt in onze streken niet tot bloei, waardoor je voor de vermeerdering dus zult aangewezen zijn op knolletjes van de vorige oogst (planters). Planters die je in de handel koopt moet u onmiddelijk planten of inkuilen.
Crosne kan het jaar rond worden geplant, alhoewel maart en april daarvoor de beste periode is. Deze stachys groeit op nagenoeg elke grondsoort, maar verkiest toch een lichte maar voedzame en diep bewerkte grond.
Plant de knolletjes op rijen van 30 à 40 cm uit elkaar. Om de 30 cm en 8 à 10 cm diep 3 knolletjes of om de 10 cm 1 planter. Aanaarden is niet noozakelijk, maar dat geeft toch een betere oogst met grotere knollen tot gevolg.
Houd de grond tijdens de groei los en onkruidvrij. Geef op arme grond wat bijbemesting tijdens de groei. Bestrijdt bladluizen Aphidoidae. In droge perioden kan wel eens spint Tetranychidae voorkomen.
In maart of april geplantte knollen kunnen vanaf oktober worden geoogst en doordat ze vorstbestendig zijn kunt u zo oogsten tot maart. Haal de knolletjes naar behoefte uit de grond en laat de rest zitten, of oogst alles ineens en kuil de knolletjes in. Wees voorzichtig bij het oogsten: de knolletjes komen gamakkelijk los van de plant en zijn dan soms moeilijk terug te vinden. Vooral bij zware gronden verloopt het oogsten moeizaam.
De knollen verschrompelen snel in de open lucht, je kan de voorraad dus het best in de grond laten of inkuilen, vooral ook omdat ze door hun suikergehalte goed winterhard zijn.
De smaak van deze decoratieve groente heeft iets weg van nieuwe aardappelen. Dit is de reden dat de crosne ook Japanse aardappel wordt genoemd. Sommigen vinden het een kruising tussen bloemkool, artisjok en schorseneer. Ondanks de muskusgeur smaakt crosne mals en sappig en is het lekkerst gekookt of gebakken in vet. Alhoewel het rauw ook smakelijk knapperig is. De smaak heeft zowel iets van de artisjok, aardpeer als aardappelen.
Crosne kunnen bereid worden als krielaardappeltjes en zijn dus geschikt voor koken, bakken of frituren. Je hoeft de knolletjes niet te schillen. De kleine knolletjes, waar zand aan kan zitten, moeten enkele malen grondig worden gewassen in ruim water. Verwijder een stukje van de onderkant en borstel ze eventueel schoon als wassen niet voldoende is. In Frankrijk en Duitsland (waar de plant "Knollenziest" heet) geldt crosne als een lekkernij.
Je kookt de knolletjes in zo'n vijf minuten beetgaar, bakt ze of voegt ze rauw toe aan slaatjes. Je kan ze ook inleggen op azijn.
Om een delicatesse te maken van deze knolletjes is het voldoende deze een paar minuten te blancheren en nadien te stoven, roerbakken of frituren. Crosne is rauw als knabbelgroente ook lekker. In Frankrijk wordt crosne vaak gegeten in gebonden soepen of gesmoord met een klontje boter. Bewaar de crosne op een donkere en koele plek. Let zeker op voor uitdroging ! In de groentela van de koelkast kun je crosnes ongeveer een week bewaren.
Crosne bevat "stachyose" een specifiek koolhydraat. Deze polymeer van twee moleculen "galactose", één molecuul "fructose" en éé molecuul "glucose" is moeilijk verteerbaar en kan aanleiding geven tot winderigheid. Stachyose vertegenwoordigt 63,50% van de droge stof van de knol. Crosne is ook rijk aan eiwitten en vezels.
Elke planter kan wel tot 25 nieuwe knollen opleveren.
Niet direct reden om te juichen, één knolletje weegt slechts enkele grammen.
Desalniettemin, toch interessant om deze delicatesse eens in uw tuin te proberen.
Crosne | |
---|---|
![]() Zo ziet crosne er uit in uw tuin |
|
Taxonomische indeling | |
Rijk | Plantae (Planten) |
Stam | Embryophyta (Landplanten) |
Klasse | Spermatopsida (Zaadplanten) |
Clade | Angiospermae (Bedektzadigen) |
Clade | 'nieuwe' tweezaadlobbigen |
Clade | Lamiiden |
Orde | Lamiales |
Familie | Lamiaceae (Lipbloemenfamilie) |
Geslacht | Stachys |
|
Ingrediënten
Bereiding
Ingrediënten 4 pers.
Voor de saus
Bereidingswijze
Opmerking
Als voorgerecht serveren voor vier personen en of als hoofdgerecht voor twee.