Rode kool Brassica oleracea convar. capitata var. rubra is een van de belangrijkste sluitkoolgewassen uit de familie Brassica oleracea en wordt voornamelijk voor de verse markt geteeld.
Rodekool is een tweejarige plant, die in het eerste jaar de eetbare krop vormt en in het tweede jaar in bloei komt en zaad oplevert.
Wittekool (Brassica oleracea convar. capitata var. alba) uit dezelfde familie wordt vooral voor de verwerking tot zuurkool geteeld.
Beide soorten behoren tot de zogenaamde "sluitkolen waaronder volgende koolsoorten ook behoren:
Rode kool (Brassica oleracea var. rubra)
Savooienkool (Brassica oleracea convar. capitata var. sabauda) groene en gele rassen
Spitskool: de witte gladbladige rassen behoren tot witte kool en de groene gebobbeldbladige tot savooikool
Witte kool (Brassica oleracea convar. capitata var. alba)
Kool groeit op elke gewone tuigrond met een Ph tussen 5,5 en 7. Zaaien als de grond minimum 10°C warm is, 2 cm diep in voren van 15 cm uiteen. Dun de zaailingen later uit tot 5 cm. Of zaai in potjes, leg dan 2 of 3 zaadjes per potje en houd na opkomst alleen de sterkste plant over. Ter plaatse zetten vanaf juni op een minimale afstand van 45 cm in elke richting.
Veel kruiden zoals dille, kamille, rozemarijn, tijm en salie zijn goede buren voor de koolsoorten, maar ook erwten, selder, aardappelen, tuinbonen, ui, knoflook en bieten.
Rode- en witte kolen kunnen door van hele reeks plagen en ziekten te lijden hebben
Vogels Aves (duiven en kraaien), muizen, slakken Gastropoda, hazen Lepus europaeus, bladluizen Aphididae, media=""koolgalmug, aardvlooien Phyllotetra-soorten, rupsen Lépidoptère, koolvlieg Chortophila brassicae, koolvlinder (koolwitje), koolbladroller, kooluil en koolmot, zijn allemaal verzot op jonge en volgroeide koolplanten.
Daarnaast heb je nog een rijtje schimmels die er kunnen voor zorgen dat uw oogst in rook opgaat: kiemschimmels, spikkelziekte, valse meeldauw Peronospora parasitica en bladvlekkenziekte Gnomonia leptostyla.
Om het helemaal lelijk te maken heb je ook bacteriën die u het leven zuur kunnen maken: zwartnervigheid, bakterievlekkenziekte en natrot.
Maar de meest voorkomende kwaal bij kolen is echter: slijmzwam beter gekend als knolvoet Plasmodiophora brassicae.
Laat u dat echter niet tegenhouden, om sluitkolen te telen. Het gebeurt zelden dat u van alles tegelijk last hebt, trouwens als u kolen onder vliesdoek of insektengaas teelt, worden bijna alle hierboven beschreven lastigaards uitgeschakeld. Maak verder gebruik van een goed rotatieplan en een gezonde omgeving.
Kool kan je rauw eten. Je kan hem ook koken, stomen, stoven of roerbakken.
Rodekool is een harde groente. Het kan rauw gegeten worden als het wordt fijngeraspt, maar dan alleen in kleine hoeveelheden. Wordt de rode kool lang gemarineerd in bijvoorbeeld yoghurt dan wordt het zachter en is het als salade makkelijker te verteren.
Om de kool wat zachter te maken wordt soms een kleine hoeveelheid azijn toegevoegd. De smaak kan aangepast worden door de toevoeging van kruidnagel, laurier, kaneel en/of suiker,rode wijn maar vooral ook in blokjes gesneden appel. Ook rozijnen kunnen een aanvulling vormen. Soms wordt de kool gebonden met maaïzena of bloem. Om te voorkomen dat de rodekool blauw wordt kan citroensap toegevoegd worden. In de traditionele Nederlandse keuken past rodekool goed bij rood vlees of wild.
Rodekool moet je minstens 20 minuten laten koken, dan is hij beter verteerbaar en behoud hij meer voedingswaarde. Witte kool wordt ook veel gebruikt voor zuurkool.
Bewaarkolen blijven 6 tot 8 maanden goed bij een temperatuur rond het vriespunt. Jonge vroege kolen kan je 1 tot 2 maanden bewaren bij een temperatuur van 0°C.
In kolen vind je bètacaroteen, en de vitaminen C en E. Kolen stimuleren het immuunsysteem, hebben een bacteriedodende werking en verkleinen de kans op darmkanker.
Kool kan mogelijk bescherming tegen kanker geven, is dus mogelijk anti-carcinogeen. Dit komt waarschijnlijk doordat kool veel glucosinolaten bevatten. Bij de afbraak (hydrolyse) door het enzym myrosinase worden onder andere indolinen en isothiocyanaten gevormd, die kankervorming tegengaan.
Witte kool | |
---|---|
![]() Verse witte kolen |
|
Taxonomische indeling | |
Rijk | Plantea (Planten) |
Stam | Embryophyta (Landplanten) |
Klasse | Spermatopsida (Zaadplanten) |
Clade | Angiospermae (Bedektzadigen) |
Clade | 'nieuwe' Tweezaadlobbigen |
Clade | Malviden |
Orde | Brassicales |
Familie | Brassicaceae (Kruisbloemenfamilie) |
Geslacht | Brassica (Kool) |
|
25 Kcal 92 gr. water 5,80 gr. koolhydraten 1,27 gr. eiwit 2,79 gr. suikers 0,10 gr. vet 2,50 gr. vezels
Mineralen
40 mg. calcium, Ca 0,47 mg. ijzer, Fe 12 mg. magnesium, Mg 26 mg. fosfor, P 170 mg. kalium, K 18 mg. natrium, Na 0,18 mg. zink, Sn 0,06 mg. koper, Cu
Vitaminen
0,06 mg. B1 (Thiamine) 0,03 mg. B2 (Riboflavine) 0,11 mg. B6 (Pyrixodine) 30 µg. B11 (Foliumzuur) 37,5 mg. C (Ascorbinezuur) 76 µg. K (Fylochinon)
29 Kcal 90,84 gr. water 6,94 gr. koolhydraten 1,51 gr. eiwit 3,32 gr. suikers 0,09 gr. vet 2,60 gr. vezels
Mineralen
42 mg. calcium, Ca 0,66 mg. ijzer, Fe 17 mg. magnesium, Mg 33 mg. fosfor, P 262 mg. kalium, K 24,4 mg. natrium, Na 0,25 mg. zink, Sn
Vitaminen
0,02 mg. A (Retine) 0,07 mg. B1 (Thiamine) 0,06 mg. B2 (Riboflavine) 0,22 mg. B6 (Pyrixodine) 24 µg. B11 (Foliumzuur) 10,8 mg. C (Ascorbinezuur)
Rode kool
Witte kool
Ingrediënten
Bereiding
Ingrediënten
Bereiding
Serveertips
Lekker met (volkoren)rijst en een frisse salade